Vind de energie

Jake Catterall verlegt persoonlijke limieten bij 200 km run

Op 9 augustus 2020 heeft Jake Catterall zijn persoonlijke limieten tot het maximum verlegd.
Voor Jake, een verwoed outdoor-avonturier, was hardlopen nog nieuw toen hij aan zijn eerste ultra-afstandsproject begon in juni: 30 rondjes en 100 km om het Vondelpark in Amsterdam.

We spoelen twee maanden vooruit en Jake ging veel stappen (en kilometers) verder, zowel om zichzelf te leren kennen als anderen te inspireren. In een combinatie van Carbon X en Elevon 2 nam Jake zijn grootste uitdaging tot nu toe aan met 200 km hardlopen door zijn aangenomen thuisland, Nederland.

Lees Jakes verhaal in zijn eigen woorden.

“Ik bereidde me fysiek acht maanden voor op dit project. Ik gebruikte de 80/20-trainingsregel: 80% zacht en 20% hard. Ik geloof dat je lichaam je slechts zover kan brengen. Er komt een moment waar je de verantwoordelijkheid aan je geest geeft om de controle te over te nemen als het gaat om ultra-afstanden. Ik heb ook veel tijd besteed aan het trainen van mijn geest. Dagelijkse blootstelling aan pijn, zoals koude douches of zelfs wekelijkse gloeiendhete baden. Het doel was nooit om mezelf pijn te doen, maar om mezelf in een onaangename situatie te plaatsen en te proberen er een fijn moment van te maken.

Ik voelde me in de weken naar het evenement toe prima. Ik maakte me geen zorgen, zelfs niet de nacht ervoor. Mijn partner en ik gingen naar het strand voor een heerlijk diner samen. Het was fijn. Maar toen ik naar de startlijn toeliep, begon het me te dagen. De realisatie van wat er stond te gebeuren, het hele project was opeens gericht op één plek. Het was niet gemakkelijk om op dat moment rustig te blijven. Het werd zoveel gemakkelijker gemaakt doordat mijn vrienden er waren.”

“Op 94 km begon het heel zwaar te worden. Daarvoor ging alles prima. Het team vroeg me of ik wilde stoppen voor een waterpauze, maar ik wilde bij 100 km stoppen en een kleine overwinning vieren. Tot dat moment had ik niet echt op mijn horloge gekeken voor de afstand. De volgende 6 km waren heel, heel zwaar. Ik maakte een beginnersfout door veel te vaak op mijn horloge te kijken hoeveel kilometer er nog te gaan waren voor ik kon stoppen. Dit was een fout die de me de rest van de afstand achtervolgde.

Ik dacht erover na om te stoppen. Tussen 100 km en 110 km hallucineerde ik, mijn zicht speelde spelletjes met me. Ik raakte verdwaald op wegen die ik heel goed kende. In mijn hoofd was de loop over bij 110 km. Ik besloot zelfs dat ik het mijn team zou zeggen als we elkaar zouden zien in Rotterdam. Maar voor ik het hen kon vertellen, kwam er een hele nieuwe ploeg ons ontmoeten in Roffa. Een teamlid zei tegen me: “Wat er ook nodig is Jake, we zijn hier om je droom uit te laten komen en we doen alles wat nodig is om die 200 km te halen”. Een golf van geluk spoelde over me heen, maar wetende dat ik nog 90 km te gaan had, niet echt vol vertrouwen, was een verscheurend gevoel.”

“Ik liep de laatste 30 km zonder pacers. Dit was mijn strijd en ik moest het doen, alleen ik met mijn team. Ik had veel pijn en had wat ruimte nodig om dieper in mezelf te kunnen gaan om mezelf erdoor te kunnen duwen. Ik zou gaan finishen, maar het zou alle mentale kracht vergen om er te komen. Mijn team maakte zich op dat moment wel zorgen, maar ze hielden zich sterk en deden er alles aan om me koel te houden tegen oververhitting bij 38°C hitte! Ik verraste mezelf tijdens dat deel van de loop. Ik moest iedere 5 km stoppen om in de bus bij te komen, maar vond op een of andere manier toch de energie om weer verder te gaan. Steeds weer. En weer. Dit gaf me een nieuw mantra, dat ik wel duizenden keren herhaald moet hebben: Vind de energie.

Nu ik erop terugkijk, ben ik echt trots op deze run. Ik heb het effect van de hitte misschien onderschat, maar de afstand is nog steeds iets waar ik niet bang voor ben. Ik ben het meest trots op hoe de laatste 50 km ging. Ik wist dat ik de mentale kracht had, maar zo veel keer terugkomen en niet toegeven aan de hitte was onvoorstelbaar. Ik kon het zelfs op dat moment in de derde persoon zien. Ik wist dat mijn toekomstige ik echt respect hiervoor zou hebben en ik ben trots op mezelf. Ik sta voor alles geven voor je passie en ik loop weg met een voldaan gevoel.”